Posted by on 15 april 2022

Over de grens

We zoeven over de N57 en na een kwartiertje ben ik voorbereid op de immer aanwezige vraag: ‘Zijn we er al?’ Tot mijn grote verbazing is het weliswaar onze jongste spruit die de gemoedelijke stilte doorbreekt met een vraag, maar is die vraag van een andere orde. Ze schraapt haar keel, leunt voelbaar naar voren, legt haar tengere handen op mijn schouders en zegt vlak bij mijn oor: ‘Mam, zijn we al bij de grens?’ Ik knipper een paar keer en kijk vervolgens mijn man aan. Hij heeft net zo’n verbaasde uitdrukking op zijn gezicht als ik. Nieuwsgierig draai ik me naar haar om en ik zie een ernstige blik in haar grote bruine ogen. Voordat ik de kans krijg iets te zeggen, roept zoonlief: ‘Kijk, daar is het bord!’ Inderdaad, aan de andere kant van de weg staat het bord dat tegenliggers welkom heet in Zeeland. We zijn dus over de grens.

Emigreren

In een eerder blog schreef ik over onze emigratie naar Zeeland, gevolgd door meerdere mijmeringen over het proces van loslaten en aannemen. Voor ons gezin was de keuze om naar Zeeland te verhuizen een flinke, zeker voor onze kinderen. Het afscheid in Rotterdam, nu iets meer dan een jaar geleden, viel hen zwaar. Ze wisten wat ze achterlieten en nog niet wat ervoor terug zou komen. We waren dan ook opgelucht toen onze verhuisdag aanbrak en we eindelijk wortel konden gaan schieten op onze nieuwe plek. Het was een groots proces en we zijn onderweg meerdere grenzen tegengekomen. Vandaar de duiding: emigratie.

Uit haar comfort zone

Als ik vertel dat we vanuit Rotterdam naar Zeeland zijn verhuisd, wordt regelmatig de vraag gesteld of het lang duurde voordat we gewend waren. Mijn man Raymond is een Zeeuw, voor hem was het thuiskomen. Voor mij gold dat ik nog nergens zo snel ben geland als hier aan de Zeeuwse kust. Zoonlief vond al snel zijn draai en genoot van de ruimte, rust en hoeveelheid klimbomen. Maar onze jongste heeft meer tijd nodig gehad. Voor haar was het lastiger om haar vriendinnen achter te laten en hier nieuwe vriendschappen te sluiten. Ze werd flink uit haar comfortzone getrokken. Tot de dag waarop ze haar eerste paardrijles volgde. Zodra ze kennismaakte met Rilana en haar Shetlanders, was ze verkocht en viel het voor haar op zijn plek. Nu, meer dan een jaar later, rijdt ze twee keer per week en heeft ze haar draai gevonden. We hebben haar nog nooit zo in haar element gezien als tijdens het paardrijden, onze kleine amazone.

Het contrast was te groot

Terug naar de autorit en het passeren van de grens. Als bijrijder heb ik tijd om te mijmeren over het gevoel van de grens overgaan. Toen ik begin dit jaar mijn coachpraktijk verhuisde naar Zeeland, was ik opgelucht dat ik niet meer een paar keer per week heen en weer hoefde te rijden. Hoewel ik de vibe van de stad altijd heb kunnen waarderen, was het vooral de overgang van het een naar het ander die me opbrak. Het contrast was voor mij simpelweg te groot en ik kreeg er onrust van. Telkens als ik naar Rotterdam reed, kon ik aan mijn lichaam merken wanneer ik de provinciale grens overstak. Inderdaad, bij het befaamde bord. Mijn hartslag ging omhoog, mijn adem werd oppervlakkiger en de denk-modus werd een stuk actiever. Voor de duidelijkheid: dat is niet mijn happy place. Als ik na een werkdag terug naar huis reed, was het bord ‘Welkom in Zeeland’ letterlijk een thuiskomen. Thuis bij de natuur, thuis bij de kust en thuis bij mezelf.

In de onderstroom op vakantie

Natuurlijk merken we de rust en stilte op en het contrast met de stad. Hier ruiken we de zee, worden we wakker van vogelgefluit en lopen de herten door de tuin. Ondanks de hectiek van de verbouwing van ons huis en het normale leven van werk en school, hebben we allemaal een vakantiegevoel dat in de onderstroom de toon zet. Hier kun je tussen ergens en nergens zijn, onder de mensen of juist alleen, in een drukke supermarkt of op een verlaten strand. Misschien maakt juist die continue onderstroom dat de grens zo voelbaar is, voor ons allemaal.

De sluier

In mijn eerste boek ‘Insula’ is het leefgebied van de druïden afgeschermd van de vloek die over de rest van de Lage Wereld ligt. Het is een onzichtbare, maar voelbare sluier die de grens markeert. De beleving van het passeren van de sluier is vergelijkbaar met het naderen van de Zeeuwse grens. Grinnikend bedenk ik dat ik in het verhaal een bord had moeten opnemen met de tekst: welkom in Insula.

Welkom in Zeeland

Als we aan het einde van de dag terug naar huis rijden, passeren we juichend het inmiddels voor jullie bekende bord. ‘We zijn weer thuis!’ weerklinkt op de achterbank. We hebben een leuke dag gehad, daar aan de andere kant van de grens. ‘Zijn jullie blij dat weer in Zeeland zijn?’ Een luid ‘JA!’ schalt door de auto, gevolgd door een dikke maar. Want, aldus Maud: ‘Het is wel een beetje jammer dat we aan onze kant van de grens geen McDonald’s hebben.’ Om vervolgens haar tanden genietend in haar laatste kipnugget te zetten.

Benieuwd?

Ben je benieuwd naar de sluier in het magische verhaal van ‘Insula’? Bezoek gerust mijn website, waar je boektrailers vindt en andere zintuiglijke verleidingen die je een mooie indruk geven van mijn boeken.

NB: dit blog is tevens geplaatst op Blogzinnig.nl

Posted in: Blog